« Dolly, dolly en dolly in de trein | Home | I <3 Dolly »

21 maart 2007

Tandarts

dentist.jpg Onderweg ging het eigenlijk best goed, de hilarische columns van Sylvia Witteman lieten me vergeten waarnaar ik onderweg was. Maar toen ik bij metrohalte Onderuit uitstapte, sloegen de zenuwen toch nog toe. Dagen van te voren probeer ik mezelf al moed in te praten, maar het helpt niet. De tandarts is gewoon niet mijn ding.

Toen de oproepkaart voor de jaarlijkse controle een maand geleden op de mat viel, begon ik als een bezetene te poetsen en floste er honderden meters draad doorheen. Gister tijdens de lunch zei ik nerveus dat ik naar de tandarts moest, wat tot een stortvloed van vreselijke tandartsverhalen leidde uit de monden van mijn collega's. Van kiezen trekken zonder verdoving, diepe wortelkanaalbehandelingen, de geur van geschroeid rubber, verdovingen die niet werken en meer van dat soort ellende. Bleek om mijn neus werkte ik met moeite mijn laatste happen naar binnen.

In de stoel, die voor mijn gevoel veel te ver achterover is gekanteld, ik voel mezelf wegglijden, tel ik traditie getrouw de plankjes van het plafond en de gaatjes in de kappen van de lichten die boven me hangen. Daar verschijnt het hoofd van de tandarts dicht boven het mijne. Zijn ogen kijken me aan en uit zijn mond, verstopt achter een lichtgroen kapje, komen vragen.

Op onverklaarbare wijze hebben we het binnen een minuut over trouwen, relaties en kinderen krijgen. Niet dat het gesprek echt diep wordt, bij iedere poging tot antwoorden duwt hij een haakje, spiegeltje - of allebei - met zijn gehandschoende handen naar binnen. Ik brabbel wat terug, mijn handen gevouwen op mijn buik, mijn knokkels wit van het knijpen.

"Je hebt een lekker bekkie hoor", zegt hij. En na tien minuten sta ik weer buiten met een rekening in mijn hand en het geruststellende vooruitzicht van 364 dagen geen tandarts.

- Foto: Mattlogelin, uit zijn serie Street Dentist in India.

Posted by Corrie at 21 maart 2007 15:08