« Van de dierenpers | Home | Jippie! »

23 oktober 2006

Witte fietsen

wf.jpg Bij de entree van het Nationale Park De Hoge Veluwe, bij Otterlo, wezen we elkaar enthousiast op het enorme terrein met fietsenrekken vol witte fietsen. Daar gingen we straks zeker gebruik van maken, maar eerst met de auto naar museum Kröller-Müller. Na het museumbezoek zouden we daar een fiets pakken om naar het jachtslot St Hubertus te gaan.

Aangekomen bij het museum zagen we een vrijwel leeg fietsterrein en vroegen ons af of er over een paar uur meer fietsen zouden staan. Wie het witte fietsenplan niet kent: in het park zijn 1700 witte fietsen gratis beschikbaar. De fietsen zijn lekker simpel. Geen bel, geen handremmen, geen versnellingen, geen licht en vooral geen slot. Iedereen kan ergens een fiets pakken en ergens anders weer achterlaten. De fietsen zijn van niemand en van iedereen.

Nadat we ons hadden vergaapt aan de geweldige verzameling Van Goghs en Bart van der Lecks, liepen we opgetogen naar het fietsenterrein. Niet alleen het museum was drukker geworden, de fietsenrekken stonden vol! Alle zes pakten we een fiets, waarvan één met kinderzitje voor de 1-jarige A. Onderweg langs heidevelden en naaldbomen bedachten we allerlei scenario's waarbij het fietsenplan wel of niet goed zou werken. Je zou zomaar uit het museum kunnen komen en geen enkele fiets meer aantreffen. Dat zou inderdaad kunnen, maar de wet van grote getallen zegt vast dat de meeste mensen steeds een fiets hebben als ze die nodig hebben, al is het niet steeds dezelfde fiets.

We parkeerden onze fietsen bij het jachtslot St Hubertus en genoten er van een rondleiding met gids. Wat een vrouw was die Helene Kröller-Müller! En wat een architect die Berlage. Ze waren goed aan elkaar gewaagd. Berlage verzon manieren om zijn zin door te duwen (in de eetkamer liet hij een deel van de vloer niet betegelen, zo dwong hij de familie altijd daar het vloerkleed te leggen) en Kröller-Müller bemoeide zich zoveel maar kon met Berlage om haar eigen aanpassingen door te voeren. Uiteindelijk is Berlage met de bouw van het slot gestopt toen ze eiste dat hij een rechte muur zou afbreken om er een serre aan te bouwen. Anders had ze vanuit haar werkkamer geen zicht op de vijver. Dat was de druppel voor Berlage, en hij legde het werk neer.

Na de rondleiding liepen we terug naar de fietsenrekken. Er stond geen fiets met kinderzitje meer! Wat nou ideaal witte fietsenplan? Terwijl we stonden te bedenken hoe we dit zouden oplossen kwam er een familie aangefietst. In de groep twee fietsen met kinderzitje! Precies op tijd. Toen het groepje ons passeerde en een plekje zocht voor hun fietsen, zei een van de vrouwen "Nee laten we ze niet daar in het zicht zetten, straks zijn onze fietsen weg. We zetten hem wel daar achter, tegen die bomen". Een ander reageerde "Ja, laten we ze allemaal tegen elkaar zetten."

We hoefden elkaar alleen maar aan te kijken om te bevestigen wat we zouden doen. We draalden schijnheilig wat rond, en toen de familie de hekken van St Hubertus binnenliep sloegen we onze slag. Die fiets met kinderzitje was nu even van ons. Ha! Dat zal ze leren.

Het witte fietsenplan is een ideaal concept: een gratis vervoermiddel dat je kan gebruiken als je het nodig hebt. Op de hoge veluwe lukt het, met 1700 fietsen. In verschillende steden is het regelmatig geprobeerd, maar echt succesvol is het nooit geworden. Het plan werkt alleen als niemand de fietsen ziet als bezit, en dat is voor de meeste mensen een lastig concept. Zodra iemand zich een fiets wil toeeigenen, ook voor de uren dat hij hem niet gebruikt, loopt het fietsenplan spaak. Als dat op de Veluwe al bijna gebeurt, dan lukt het van zijn leven niet in een wereld zonder hekken.

Posted by Corrie at 23 oktober 2006 22:50