« Suf | Home | Goed »

06 september 2006

Heldin

meeuwen.jpg

Mijn brein speelt 's nachts de geweldigste voorstellingen af. Terwijl mijn lichaam rust, speel ik in mijn dromen de hoofdrol in thrillers, actiefilms en romantische comedies. Zodra ik wakker word, probeer ik me te herinneren wat ik als actrice allemaal heb meegemaakt. Geregeld vraag ik me af waar de droommachine in mijn hoofd de inspiratie vandaan haalt en of er een betekenis uit te halen is.

De rol die ik verreweg het vaakst aanneem in mijn dromen, is die van heldin. Ik heb mensen gered uit brandende huizen en van de verdrinkingsdood, heb mijn ontvoerders zover gekregen dat ze me vrijwillig vrijlaten, doe telefonisch live verslag voor radio 1 als de trein waarin ik zit door gijzelaars wordt bezet, en ben inbrekers te snel afgeweest door over balkons en daken te vluchten.

Deze heldhaftige droomtoestand overkomt me ook in afwezige buien op de fiets. Opeens zie ik mezelf de gracht induiken om een kind te redden, of blokkeer ik de vluchtweg van een winkeldief. Tot een echt stoere actie heeft dit nog nooit geleid. Tot gisteravond, toen heb ik eindelijk een reddingsactie uitgevoerd.

Aan het eind van mijn werkdag vloog een jonge meeuw met een doffe klap tegen het raam. Beduusd zat hij op de binnenplaats van het kantoor op de grond. Eerst bewegingsloos, daarna trok hij zijn vleugels in en stapte voorzichtig rond. Gelukkig was hij heel en deden zijn vleugels het en kon ik verder werken. Een half uur later zat hij er nog. Af en toe deed hij een poging om op te vliegen, maar hij redde het niet om weg te komen; de binnenplaats was te klein en de muren te hoog. steeds weer vloog hij tegen een muur. Naar om te zien. Tijd voor actie dus.

Met collega I. betrad ik de binnentuin, gewapend met een jas en trui. "Kom maar jongen, we gaan je redden", zei ik zachtjes tegen hem, maar hij leek het niet te begrijpen en fladderde weg in paniek. Een tweede poging hem te pakken te krijgen verliep beter.

Ik gooide mijn trui over zijn achterlijf en probeerde hem te pakken. Toen hij in mijn vinger beet, liet ik geschrokken los. Intussen gooide I. haar jas over de meeuw en was hij niet alelen erg gestresst maar ook zo afgeleid dat ik hem bij zijn achterlijf kon pakken. Met mijn handen hield ik zijn vleugels tegen zijn lijf gedrukt. Nog steeds had hij niet door dat we goeds in de zin hadden, en beet collega I. in haar arm om niet meer los te laten.

Daar stond ik dan met een meeuw in mijn handen, die een stuk arm van een collega in zijn puntige bek had. Ik trok wat aan de meeuw, maar hij liet niet los. Uiteindelijk wist I. met haar andere hand de bek van de meeuw los te wrikken en konden we de binnenplaats verlaten. best eng, zo'n meeuw in je handen die je met zijn gele kraalogen en bek wijd open in paniek aankijkt. De reddingsoperatie verliep verder voorspoedig, en aan de andere kant van het gebouw gaven we de meeuw zijn vrijheid terug.

Best spannend om eens een echte held te zijn, al had ik liever een mens gered.

Posted by Corrie at 06 september 2006 19:18